Een samenleving waarin meer mensen kunnen meedoen

Hoe ontwerpen we een samenleving waarin meer mensen kunnen meedoen?
Inclusie is geen probleem dat je eenmalig oplost. Het vraagt om voortdurend leren, ontleren en aanpassen. Tussen 2023 en 2025 onderzochten het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS), het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) en Dutch Design Foundation hoe ontwerp kan bijdragen aan een toegankelijkere, diversere en inclusievere samenleving. Dat deden ze onder de noemer: Embassy of Inclusive Society.
Het vertrekpunt was de constatering dat veel van onze omgeving, systemen en manieren van werken nog altijd vanuit een beperkte norm worden ontworpen. Inclusie vraagt daarom niet alleen om oplossingen voor specifieke doelgroepen, maar om een andere manier van kijken en ontwerpen. Welke perspectieven nemen we mee? Welke aannames maken we? En hoe zorgen we ervoor dat mensen daadwerkelijk kunnen meedoen?
Gaandeweg verschoof het vraagstuk. In 2023 lag de nadruk op inclusie als oefening: leren kijken vanuit verschillende lichamen, ervaringen en perspectieven. In 2024 werd onderzocht hoe inclusieve ontwerppraktijken onderdeel kunnen worden van een doorlopend proces. In 2025 verschoof de aandacht naar de vraag hoe toegankelijkheid, diversiteit en inclusie ook structureel onderdeel kunnen worden van beleidsontwikkeling.
Daarmee werd inclusie niet benaderd als een eindpunt, maar als een ontwerppraktijk: een voortdurend proces van leren, testen, reflecteren en bijsturen.
Om zo’n vraagstuk te kunnen onderzoeken, is niet één perspectief voldoende. Daarom bracht de Embassy of Inclusive Society verschillende werelden bij elkaar: ontwerpers, ervaringsdeskundigen, beleidsmakers, culturele instellingen en maatschappelijke partners.
De samenwerking tussen VWS, OCW en Dutch Design Foundation vormde de basis van het driejarige programma. Daaromheen ontstond een bredere coalitie van ontwerpers, makers, organisaties en gemeenschappen die vanuit hun eigen expertise en ervaring bijdroegen aan het onderzoek.
Die samenwerking kreeg verschillende vormen. Tijdens Dutch Design Week werden tentoonstellingen en installaties ingezet als publieke testomgeving. Workshops brachten ontwerpers, gemeenschappen en ervaringsdeskundigen samen rond concrete praktijkvragen. Conferenties boden ruimte voor reflectie en gesprek. En via ontwerpend onderzoek werd onderzocht hoe inzichten uit de praktijk konden doorwerken in organisaties en beleid.
Een belangrijk uitgangspunt was daarbij om niet voor mensen te ontwerpen, maar met mensen. Zo werden bijvoorbeeld praktisch opgeleide jongeren betrokken bij het formuleren van ideeën rond gezondheidsvraagstukken in Brabant Gaat Beter. In de samenwerking tussen ST-DUO en dansgezelschap Misiconi werden visuele en non-verbale tools ontwikkeld vanuit de praktijk van de dansers zelf.
Ook de Embassy zelf werd onderdeel van het experiment. Vrijwilligers van onder meer Philadelphia Zorg en Cello werkten mee aan het programma. Inclusie werd daarmee niet alleen een onderwerp van gesprek, maar iets dat in de organisatie en bezoekerservaring zelf werd geoefend.
De driejarige samenwerking leverde geen blauwdruk voor een inclusieve samenleving op. Juist dat is een belangrijke uitkomst: inclusie vraagt om een voortdurende praktijk van leren, ontleren, experimenteren en aanpassen.
Door de jaren heen ontstond een reeks concrete interventies, methodes en inzichten. The Gym van Gabriel Fontana maakte inclusiviteit letterlijk iets om te oefenen. Lorem Ipsum vertaalde richtlijnen voor inclusieve presentatie naar een ruimtelijke ervaring. De campagne Vraagje?! werd tijdens DDW24 een interactieve installatie waarin bezoekers zelf in gesprek gingen over toegankelijkheid.
Een ander resultaat was de publicatie Evenementen als leercycli, waarin de opgedane kennis over inclusieve evenementen werd vertaald naar overdraagbare principes en praktische handvatten. De publicatie werd vervolgens door professionals en organisaties gebruikt als inspiratie bij het ontwikkelen van inclusievere evenementen.
In 2025 werd de opgedane kennis doorgetrokken naar beleid. Het ontwerpend onderzoek Ontwerpen aan inclusief beleid resulteerde in drie toekomstscenario’s – De Bevrager, De Reflectieruimte en Beleid maken in het land – en tien concrete handelingsperspectieven voor beleidsorganisaties. Daarin staan onder meer het structureel betrekken van ervaringsdeskundigen, ruimte voor reflectie, het waarderen van verschillende vormen van kennis en het verankeren van inclusie in leiderschap en organisatiecultuur centraal.
Zo verschoof de Embassy van het zichtbaar maken van inclusie naar het ontwikkelen van nieuwe manieren om inclusie in de praktijk te brengen. Van tentoonstelling naar testomgeving, van experiment naar gedeelde ontwerppraktijk, en uiteindelijk van ontwerppraktijk naar beleidsvraagstuk.
De belangrijkste opbrengst is daarmee misschien niet één oplossing, maar een andere manier van werken: inclusie als iets wat je samen ontwerpt, onderzoekt en voortdurend opnieuw leert.
Denk je met ons mee?
Heb jij een opgave rond inclusie die om een andere aanpak vraagt?
Plan een gesprek