Verbinding is niet een kwestie van eenrichtingsverkeer. Toch lopen bezoekers in musea regelmatig met een audiotour door de ruimte, gekluisterd in hun eigen bubbel. Voor het Nationaal Holocaustmuseum en de Portugese Synagoge zocht Greenberry naar een manier om dit anders aan te pakken, specifiek voor jongeren en schoolklassen. Een centrale vraag hierbij was:
Hoe laat je jongeren kennismaken met de Joodse cultuur in een steeds uitgesprokener maatschappelijk debat over antisemitisme?

Hierop ontwikkelde Greenberry de Spiegeltour. Dit concept draait de traditionele museumervaring om. In plaats van passief luisteren naar feiten over de geschiedenis, gaan leerlingen in duo’s of trio’s met elkaar in gesprek. De digitale laag in de vorm van een tablet-applicatie fungeert hierbij als facilitator voor sociaal contact.

De app stelt vragen die de historische context naar de belevingswereld van de jongere trekken. Gaat het in het museum over verraad? Dan vraagt de app: ‘Ben jij wel eens verraden?’ Hierdoor ontstaat een veilige context waarin zware maatschappelijke thema’s bespreekbaar worden gemaakt en jongeren zich kunnen spiegelen aan de geschiedenis én aan elkaar.

Purpose-gedreven ondernemen

De kracht van de Spiegeltour bleef niet onopgemerkt. Met meer dan 1500 scholieren en 55 klassen die de tour doorliepen, was de pilot een succes. Er werden zelfs Kamervragen gesteld, waarna de staatssecretaris van VWS de educatieve waarde en maatschappelijke impact in een kamerbrief erkende.

Greenberry zag dat de methodiek van de Spiegeltour op grotere schaal toepasbaar was. Het mechanisme om jongeren via digitale interventies met elkaar in gesprek te brengen over lastige thema’s, is niet gebonden aan één museum. Vanuit een proactieve, ondernemende houding zocht het bureau naar partners om dit concept op te schalen.

Impact door samenwerking

Dit leidde tot een samenwerking met drie musea, waaronder Museum De Proefkolonie. Daar wordt hetzelfde mechanisme nu ingezet rondom het thema armoede: op eenzelfde soort manier wordt het gesprek aangezwengeld over wat armoede in onze maatschappij echt betekent. Om deze opschaling rond te krijgen, vroeg Greenberry in een consortium met JCK, de betrokken musea en De Toekomstfabriek succesvol de Cultuurloket DigitALL-subsidie aan. Door niet telkens het wiel opnieuw uit te vinden, maar een bewezen concept door te ontwikkelen tot een platform voor meerdere musea, ontstaat er economische efficiëntie én wordt de maatschappelijke impact vergroot.

Durven doorontwikkelen

Deze manier van inclusief en purpose-gedreven ondernemen vraagt om een lange adem, erkent Dujardin. Het ontwerpen van de oplossing is slechts de eerste stap. De werkelijke waarde wordt gecreëerd in de fase daarna: het durven investeren in doorontwikkeling en het smeden van coalities.

Door digitaal design in te zetten als breekijzer voor sociaal contact, wil Greenberry laten zien dat technologie, indien goed ontworpen, mensen daadwerkelijk dichter bij elkaar kan brengen. Die manier van werken is een pleidooi voor ontwerpers om niet alleen maker te zijn, maar ook ondernemer die verantwoordelijkheid neemt voor het duurzame succes van ontwerpen en innovaties.

Waar andere apps in musea gaan over de tour en het object dat je ziet, gaat het hier over de verwerking in groepsverband en de verbinding die hierdoor ontstaat. We proberen de dialoog aan te jagen. Dat is in deze tijd misschien wel harder nodig dan ooit.”
Alain Dujardin, Greenberry